Nieuws
Nieuwe box 3-wet opnieuw van tafel: wat betekent dit voor jou?

Nieuwe box 3-wet opnieuw van tafel: wat betekent dit voor jou?

Geplaatst op donderdag 5 maart 2026      Leestijd: 2 minuten


Er is opnieuw onzekerheid ontstaan over het toekomstige box 3-stelsel. Het kabinet heeft namelijk besloten een streep te zetten door het wetsvoorstel voor een nieuw box 3-systeem. Daarmee blijft het huidige overgangsstelsel voorlopig van kracht.
 

Heffing over werkelijk rendement

In het wetsvoorstel was opgenomen dat vanaf 2028 belasting zou worden geheven over het werkelijke rendement op vermogen, in plaats van over een forfaitair rendement. Voor veel beleggingen zou daarbij een zogenoemde vermogensaanwasbelasting gaan gelden. Dat betekent jaarlijks belasting betalen over ontvangen inkomsten én over waardestijgingen, ook als deze nog niet zijn gerealiseerd.

Juist dat onderdeel leidde tot veel kritiek. In het voorgestelde systeem zou namelijk niet alleen het directe rendement, zoals rente of dividend, worden belast, maar ook waardestijgingen van beleggingen zouden jaarlijks in de heffing worden betrokken. Ondernemers en beleggers wezen erop dat zij daarmee belasting zouden moeten betalen over papieren winsten, terwijl beleggingswaarden sterk kunnen schommelen. Een waardestijging in het ene jaar kan in het volgende jaar weer verdwijnen, terwijl de belasting over die stijging al is betaald. Dat kan gevolgen hebben voor de liquiditeit, zeker wanneer er geen daadwerkelijk rendement is uitgekeerd.

Daarnaast ontstond discussie over de positie van kleinere beleggers. Door wijzigingen in de heffingsvrije voet zouden relatief kleinere vermogens sneller in de belastingheffing vallen.
 

Politieke steun niet vanzelfsprekend

Hoewel de Tweede Kamer instemde met het wetsvoorstel, bleek in de Eerste Kamer geen duidelijke meerderheid te bestaan. Het kabinet heeft daarom besloten het voorstel te herzien voordat het verder wordt behandeld. 
 

Wat geldt in 2026 en 2027?

Voor de komende jaren verandert er vooralsnog weinig. In 2026 en 2027 blijft het overgangsstelsel van toepassing. Hiermee kunnen ondernemers met box 3-vermogen boven de vrijstelling kiezen tussen belastingheffing op basis van fictief rendement of op basis van het werkelijke rendement. Het aangifteprogramma van de Belastingdienst berekent automatisch welke optie het meest gunstig is.

Het tarief over het belastbare rendement bedraagt 36%. De vrijstelling ligt in 2026 op € 59.357 voor alleenstaanden en € 118.714 voor fiscale partners. Daarbij is het vermogen op 1 januari van het betreffende jaar bepalend.
 

Nieuw box 3-stelsel in 2028

Ondanks de herziening blijft het kabinet vasthouden aan 1 januari 2028 als beoogde ingangsdatum van een definitief stelsel op basis van werkelijk rendement. 

De komende periode moet duidelijk worden hoe het aangepaste voorstel eruitziet. Daarbij zal blijken of belastingheffing over ongerealiseerde winsten gehandhaafd blijft of dat wordt gekozen voor een ander systeem, bijvoorbeeld een vermogenswinstbelasting waarbij pas bij verkoop wordt afgerekend.

Wil je weten wat deze ontwikkelingen betekenen voor jou? We denken graag met je mee.




Deel dit nieuwsbericht